-1- Stoere gasten. Tattoes op de armen. Harde praat over
exen en hoe ze buiten je deur te houden. Gebruinde huid. Spieren van het
tillen, van het trainen, van het...?
Waarschijnlijk drinkebroers die herrie schoppen als ze een
glas teveel op hebben, waarschijnlijk elke vrijdagmiddag als ze vroeger mogen
stoppen met werken en hun overuren geïncasseerd hebben, met veel schuttingtaal
en boze verwijten aan wie ze niet kennen maar wel veroordelen.
Echter - waar de bus de monochrome autosnelweg achter zich laat
en onder de brug door de kaleidoscoop aan geuren, kleuren en geluiden
binnendringt, maken ze een uitnodigend gebaar naar de gesluierde vrouw met de
kinderwagen en bieden haar hun plaatsen aan.
-2- Zwarte vrouw. Het wanhopig naar kroezen verlangende gestylede
haar bij elkaar gehouden met een zonnebril net boven haar voorhoofd. Stevig
lichaam. Rondingen waar elke vrouw ze zou moeten hebben.
Waarschijnlijk vanavond in een kleurrijk gewaad achter
vreemd ruikende potten en pannen, waarschijnlijk met een gerecht dat hier
nergens te krijgen is maar dat ze klaarmaakt als ze feest, met veel
schaterlachen, luid gepraat en heupwiegende muziek met gitaren die het geluid
van de zon in huis brengen.
Echter - nog voor de motor van de bus verraadt dat het uur
van vertrek nakend is, haalt ze uit de trendy tas op haar zakelijke blauwe rok
het boek tevoorschijn dat haar zal inspireren met dagelijkse kost in recepten
van een volkse jongen met schalkse kuif.
-3- Jonge kerel. Hanenkam op het hoofd. Smoezelig T-shirt en
een impulsief afgeknipte, rafelende jeansbroek aan het lijf. Afgetrapte
sneakers. Gespijkerde leren band aan een veel te lange arm.
Waarschijnlijk een schreeuwerige festivalganger die met een
plastic bierbeker in de hand het satansgebaar maakt bij een kakofonie van
gitaren en drums, waarschijnlijk net iets te ver gaand in de moshpit, blauwe
plekken achterlatend op de omstaanders die zich niet verweren durven.
Echter - als de vlag gehesen is op de kampplaats en de groet
gegeven, maakt hij een highfive met zijn mede-scout en duwt hij diens rolstoel
zorgzaam van het gras het lokaal in.
-4- Vrouw van rond de veertig. Ongekleurd, laat-maar-waaien
kapsel. Doordeweekse short en onopvallend topje over het door fietsen getinte
lichaam. Platte schoenen. Een minuscuul handtasje in een onbeduidende kleur
schuin over de borst.
Waarschijnlijk een stille moeder die leeft en laat leven of
zich daar toch voor uitgeeft, waarschijnlijk zwijgend als een conflict dreigt
of als er beslissingen moeten worden genomen, daarmee de weg van de minste
weerstand kiezend.
Echter - als je haar hoofd zou openen, zouden de razende
voor-oordelen die het moreel bewustzijn steeds te snel af zijn, meteen in het
oog springen. Voor-oordelen waarvoor ze zich achter-af schaamt, maar dat blijft voor altijd onzichtbaar.
